Onroerende voorheffing bij co-ouderschap.

Onroerende voorheffing in Vlaanderen.

De onroerende voorheffing is een jaarlijkse Vlaamse belasting op onroerende goederen die in het Vlaams Gewest liggen. Ze wordt berekend op basis van het kadastraal inkomen. Onroerende goederen zijn gronden, gebouwen en sommige soorten van bedrijfsuitrusting (“materieel en outillage”).

Vermindering bij kinderen ten laste.

In het Vlaams Gewest krijgen ouders met minstens twee kinderbijslaggerechtigde kinderen een vermindering. Dit op voorwaarde dat de kinderen op 1 januari van het aanslagjaar gedomicilieerd zijn op het adres van de woning waarvoor de vermindering van toepassing is.

Bereken zelf uw onroerende voorheffing.

Co-ouderschap ?

Kinderen kunnen maar op één adres hun officiële verblijfplaats hebben, ook al wonen ze na het uiteen gaan van hun ouders afwisselend bij elke ouder. Een co-ouder bij wie het kind niet gedomicilieerd is, kan dus geen vermindering krijgen, zelfs niet gedeeltelijk. Wel kunnen de ouders afspreken dat zij het door de ene genoten voordeel onder hen verdelen.

Discriminatie.

Het Grondwettelijk Hof besliste recent dat het een discriminatie uitmaakt dat alleen de ouder bij wie het kind gedomicilieerd is een vermindering van de onroerende voorheffing krijgt.

Vanaf 2023 komt er daarom een nieuwe regeling.

Brussel en Wallonië

Daar werd de regeling reeds aangepast. In Brussel heeft elke ouder recht op een proportionele vermindering van de onroerende voorheffing in verhouding tot de periode waarin de kinderen effectief bij hem/haar verblijven. In het Waals Gewest krijgen de co-ouders elk de helft van de vermindering.

Wil u meer weten over fiscaliteit bij scheiding, aarzel dan niet om ons te contacteren.

Hoe recupereer je (een deel van) je betaalde onderhoudsgeld?

Je kent het wel: onderhoudsgeld (of ‘alimentatie’), het geld dat iemand regelmatig stort aan een kind, ex-partner, ouder … om bij te springen in zijn of haar financieel onderhoud. De rechter heeft dit beslist of het is overeengekomen, bijvoorbeeld in een echtscheidingsovereenkomst. Hoe en wanneer kan je dit alimentatiegeld aftrekken van je belastbaar inkomen?

Vier voorwaarden voor fiscale inbreng

Er moet aan een aantal voorwaarden worden voldaan om het betaalde onderhoudsgeld te mogen inbrengen in je inkomstenbelasting.

1. Het onderhoudsgeld wordt betaald omdat er een wettelijke onderhoudsverplichting is.

Bijvoorbeeld: de wet bepaalt dat iedere ouder verplicht is bij te dragen in het onderhoud van zijn of haar kinderen. Daarnaast bestaan er onderhoudsverplichtingen voor onder meer: (ex-)echtgenoten en wettelijk samenwonenden, kleinkinderen, ouders en grootouders.

Voor minderjarige kinderen en meerderjarige studerende kinderen is er altijd een onderhoudsverplichting. Voor de anderen is die er alleen maar wanneer zij behoeftig zijn.

2. Ontvanger en betaler van het onderhoudsgeld behoren niet tot hetzelfde gezin.

Hier rijst natuurlijk de vraag: wat bij co-ouderschap? Wanneer je een co-ouderschapsregeling hebt met je ex-partner, slaat het onderhoudsgeld op de periode waarin de kinderen niet bij jou zijn. Let wel, je mag alleen onderhoudsgeld fiscaal inbrengen van kinderen die je niet fiscaal ten laste hebt. En je kan de belastingsaftrek ook niet combineren met fiscaal co-ouderschap. De berekening van het voordeel dat je haalt uit fiscaal co-ouderschap is complex en afhankelijk van veel factoren. Hier een algemeen beeld van geven, is quasi onmogelijk.

3. Het onderhoudsgeld wordt regelmatig betaald.

Dit kan wekelijks of maandelijks zijn, maar dat is niet noodzakelijk. Zo worden ook betalingen aanvaard die onder bepaalde omstandigheden herhaald worden, bijvoorbeeld het aanvullen van een kindrekening als het saldo ontoereikend is.

4. Documenten en bewijzen voorleggen

Ten slotte moet je documenten kunnen voorleggen die aantonen dat het onderhoudsgeld werkelijk betaald werd én aan wie je betaalde. Dit bewijs je heel eenvoudig met bankrekeninguittreksels. Hou deze dus goed bij!

Berekenen wat je kan recupereren

Bereken eerst hoeveel onderhoudsgeld je werkelijk betaalde. Het onderhoudsgeld is aftrekbaar in de personenbelasting dus je kijkt naar een specifiek inkomstenjaar.

Laten we inkomstenjaar 2020 nemen (dit is aanslagjaar 2021). Linde en Joris (fictieve namen) zijn sinds 2018 gescheiden en hebben 2 kinderen. Ze zijn gescheiden in onderlinge toestemming en kwamen overeen dat Linde elke maand €100 onderhoudsgeld betaalt per kind en dat beiden elke maand €100 storten op de kindrekening. De 2 kinderen zullen fiscaal ten laste staan bij Joris. En er is een week/week-regeling.

Joris zal niks kunnen inbrengen op zijn belastingsaangifte aangezien hij al het fiscale voordeel heeft van de kinderen ten laste. Linde, kan er wel aanspraak op maken: zij betaalt elke maand €300 onderhoudsgeld, wat neerkomt op €3600 per jaar. Zij moet dit werkelijk betaalde bedrag invullen in vak VIII ‘Aftrekbare vorige verliezen en bestedingen’, punt 2.

En dan de berekening: Linde had in 2020 een netto-inkomen van €22.880. Daarmee belandt zij in de tweede inkomensschijf. Zij kan 80% van het werkelijk betaalde onderhoudsgeld aftrekken. In haar geval: 80% van €3600, dat is €2.880. Mocht Linde de alimentatie niet inbrengen, dan betaalt zij op dit bedrag €1.152 belasting, want het belastingtarief in de tweede inkomensschijf is 40%. Linde kan dus €1.152 recupereren.

Wie lost de hypotheek verder af?

Wanneer de woning gezamenlijk gekocht is, blijven beide partners verantwoordelijk voor de aflossing van het de hypotheek.

Vaak zal de persoon die in de woning blijft wonen de lening verder alleen afbetalen. Je kan aan de rechter vragen dat de andere partner tijdelijk tussenkomt en ook een deel van de lening afbetaalt.
De rechter kan in het raam van de procedure het genot van de woonst toewijzen aan een partner, op voorwaarde dat die de hypothecaire lening betaalt. Maar de bank is niét gebonden door de beslissing van de rechter en kan toch aan beide partners vragen dat zij de lening verder blijven betalen.

Onderhoudsbijdrage voor ex-partner

Scheiden kan je materiële situatie ingrijpend veranderen.
Als je niet getrouwd bent, kan je geen financiële eisen stellen aan je partner.
Als je geen gezamenlijk akkoord kan sluiten over jullie financiële situatie, kan je dat voor de rechtbank ook niet opeisen. Als de omstandigheden van de feitelijke scheiding schrijnend zijn, of als je een langdurige feitelijke relatie had, kan soms tijdelijk een onderhoudsbijdrage worden verkregen.

Natuurlijk behoudt iedere ouder de plicht bij te dragen aan de financiële lasten die de kinderen veroorzaken.
Als je getrouwd bent, heeft je echtgeno(o)t (e) de plicht je te helpen. En dat vanaf de aanvraag tot echtscheiding (vanaf de scheiding als de zaak voor de rechter komt) tot wanneer de echtscheiding is uitgesproken.

Tijdens de procedure wordt het onderhoudsgeld bepaald op basis van de levensstijl die de echtgenoten zouden gehad hebben mochten ze niet uit elkaar gegaan zijn. Beide partijen zijn nog altijd gehuwd en de bijdrage is juridisch gebaseerd op de hulp- en bijstandsplicht van art. 213 en art 221,1e lid van het B.W..
Nà de echtscheiding wordt de onderhoudsuitkering berekend op basis van de behoeften van de ex-partner. Die behoeftigheid wordt omschreven als elk beduidend financieel onevenwicht in de globale financiële situatie van de beide ex-echtgenoten.

Daarbij wordt rekening gehouden met zowel alle inkomsten en kosten als met de mogelijkheid om inkomsten te verwerven. De rechtspraak tussen 2007 en 2011 lijkt de grens van het financieel onevenwicht op € 500 per maand te leggen. Een verschil van méér dan € 500 in de globale economische positie tussen beide ex-partners wordt als een financieel onevenwicht beschouwd (Tijdschrift voor Familierecht 2011/6, 111).
Je kan – in principe – alleen een onderhoudsuitkering krijgen voor een periode die gelijk is aan de duur van het huwelijk en het bedrag mag niet groter zijn dan een derde van de inkomsten van de onderhoudsplichtige.
In geval van feitelijke samenwoning beslist de rechter over het onderhoudsgeld tussen de ex-partners.
De onderhoudsuitkering is het bedrag dat een ex-partner krijgt om in zijn/haar eigen behoeften te voorzien en is te onderscheiden van de onderhoudsbijdrage voor de kinderen.

Onderhoudsbijdrage voor de kinderen

Beide ouders zijn wettelijk verplicht tussen te komen in het onderhoud en de opvoeding van de kinderen. Hun onderlinge bijdrage bepalen ze zelf.

Maar als er geen akkoord is, zal de rechter de bijdrage van elke ouder bepalen. Die bijdrage wordt dan berekend op basis van alle samengevoegde middelen van beide ouders: alle beroepsinkomsten en alle andere inkomsten (zoals inkomsten uit onroerende goederen of sociale voordelen) die de levensstandaard van de ouders en de kinderen ondersteunen. Ook de beschikbaarheid van de ouders kan bekeken worden.
Verder wordt gekeken naar de gewone en buitengewone kosten van de kinderen, waar de kinderen verblijven en wie de kinderbijslag ontvangt. Een voorbeeld: verblijven de kinderen meer bij de moeder en ontvangt zij ook de kinderbijslag, dan beïnvloedt dit de bijdrage van de vader.

Een fiscale optimalisatie van de onderhoudsgelden kan beide ouders veel geld uitsparen. Het fiscaal voordeel van de kinderen splitsen over de beide ouders is nadelig voor beide ouders. Beter is het te bepalen dat één ouder de kinderen fiscaal ten laste neemt en de andere ouder de onderhoudsbijdrage voor de kinderen fiscaal aftrekt.

Week-weekregeling en onderhoudsgeld

Deze week kwam een vader op consultatie en wou een week-week regeling voor de kinderen omdat hij dan geen onderhoudsgeld voor de kinderen moet betalen. Althans, dat dacht hij.

Een hardnekkig misverstand met een taai leven!

Zeggen dat je de kinderen in een gelijkmatige verblijfsco-ouderschap wilt, betekent niet dat je geen onderhoudsgeld voor de kinderen betaalt.

De bijdrage van elke partner in het onderhoud en de opvoeding van de kinderen wordt berekend naar de financiële draagkracht van de partijen. Verdient één partner substantieel meer dan de andere partner dan zal hij méér moeten bijdragen. De bijdrageplicht van de ouders is evenredig met hun inkomen en hun mogelijkheden.

Meestal weigert een partner om onderhoudsgeld te betalen omdat hij/zij boos is op de andere partner. De noden en de behoeften van de kinderen worden dan niet gezien. Ouders zitten dan zo in de strijd dat ze niet meer helder kunnen denken en al te impulsief handelen.

Als je dan nog eens doorvraagt hoe de partner dan de week-week regeling praktisch gaat invullen heeft men daar nog niet goed over nagedacht.

Partners kunnen het ook anders organiseren en resoluut kiezen voor scheidingsbemiddeling. Ga naar www.wouterdecanck.be en laat jou en jouw partner begeleiden bij een snelle, goedkope oplossing en draai gerust en opgelucht deze moeilijke pagina in jouw leven om. Jouw kinderen ondervinden dan ook zo weinig mogelijk schade van de scheiding

Krijg ik mijn eigen geld terug na feitelijk samenwonen?

Een vrouw vraagt op het einde van een drie jaar feitelijke relatie de terugbetaling van een cheque van 120.000 EUR die zij op de rekening van haar partner gestort heeft. De man heeft deze gelden gebruikt voor werken aan de woning, die zijn eigendom is. Na het einde van de feitelijke relatie verlaat mevrouw de woning en vraagt haar geld terug. De man erkent dat er 120.000 EUR is gestort op zijn rekening.

Meneer weigert dit bedrag terug te betalen en beweert dat er tussen hen geen overeenkomst bestaat die hem verplicht om dit geld terug te storten.

Hij zegt dat zijn ex-partner “met volle kennis van zaken en vrijwillig” de som heeft gestort op zijn rekening.
In eerste instantie krijgt de man gelijk. De vrouw heeft een fout gemaakt door geen geschrift op te stellen, of had duidelijke afspraken moeten maken omtrent de transactie. Het is niet aan de rechter om deze nalatigheid van de vrouw te herstellen omdat de vrouw deze transactie zelf gewild heeft. Feitelijk samenwoners lopen meer risico’s maar hebben bewust voor deze samenlevingsvorm gekozen.

De vrouw gaat echter verder en tekent cassatieberoep aan. Met succes.

Het is niet omdat er geen bewijs is van een overeenkomst tussen de partners dat zij haar aanspraken niet hard kan maken. Zij beroept zich op de figuur van de verrijking zonder oorzaak: als er een verband tussen het verarmde vermogen van de vrouw ( – 120.000 EUR) en het verrijkte vermogen van de man ( verbouwingswerken woning) ontstaat er een grondslag tot vergoeding ook al is er geen geschreven bewijs van de transactie tussen de partners.

Met scheidingsbemiddeling benaderen we deze situatie op een totaal andere manier en kijken we naar de achterliggende redenen waarom de man dit niet wil terugbetalen. Hij zal daar waarschijnlijk wel een goede reden voor hebben, net zoals de vrouw een goede reden heeft om dit terug te vragen. Kies resoluut voor wouterdecanck.be of bel naar 09/366.46.50.
( Hof van Cassatie, 9 juni 2017, T.Fam 2017/10, 169).

Krijgt gescheiden meewerkende vrouw een vergoeding?

Noël is beenhouwer en baat zijn eigen slagerij uit als hij Chantal leert kennen. Zij huwen met een huwelijkscontract en met scheiding van goederen. Chantal zegt haar job als kassierster op en helpt mee in de beenhouwerij, zodat Noël niemand in dienst moet nemen.

Jaren later strandt het huwelijk. Gelet op de huwelijksvoorwaarden van de scheiding van goederen, krijgt elke partner  enkel zijn eigen opgebouwd vermogen na de echtscheiding, en behoudt Noël dus zijn beenhouwerij die hij al opgestart had voor het huwelijk. Chantal heeft gedurende het huwelijk in de beenhouwerij gewerkt…maar daarvoor geen werkelijk inkomen ontvangen. Blijft zij dan achter zonder enige vergoeding voor die jarenlange inspanningen?

Toch niet, stelt het Hof van Beroep te Gent.

Chantal kan aan de hand van fiscale aangiftes en documenten van de sociale administratie bewijzen dat Noël zijn vrouw tijdens het huwelijk aangaf als meewerkende echtgenote in de zaak, waarvoor hij destijds een fiscale aftrek genoot, ook al werd Chantal in werkelijkheid niet betaald.

Een vergoeding aan Chantal is volgens de rechter wel degelijk mogelijk, ook al zijn partijen met scheiding van goederen getrouwd : de arbeidsprestaties van Chantal moeten los  worden gezien van de huwelijksrelatie, omdat ze de normale huwelijksverplichtingen en lasten overschrijden. Er is sprake van een professionele relatie, die los staat van de huwelijksrelatie.

De juridische grondslag is de “vermogensverschuiving zonder oorzaak”, ook “ongerechtvaardigde verrijking” genoemd.  De rechter redeneert dat het eigen vermogen van Noël verrijkt werd door de inspanningen en prestaties van Chantal tijdens hun huwelijk in zijn eigen zaak. Deze verrijking nam concreet de vorm aan van een (fiscale-, en loon-) lastenverlaging  in de handelszaak van Noël. Minder lasten is gelijk aan meer winst of vermogen.

Let wel: de prestaties van Chantal kunnen slechts in aanmerking komen voor zover zij een werkelijk, structureel en economisch karakter vertonen, en dus niet enkel sporadisch geweest zijn.

De rechter stelde in het geval van Noël en Chantal een accountant aan als deskundige die de  arbeidsprestaties van Chantal tijdens het huwelijk moet evalueren, alsook de mate waarin zij de normale huwelijksverplichtingen overstegen.  Noël betaalde Chantal uiteindelijk een vergoeding voor de jarenlange prestaties die zij in de beenhouwerij had geleverd.

Scheidingsbemiddeling helpt om zonder getrokken slagersmessen een aanvaardbare oplossing uit te werken voor Noël en Chantal zodat Noël nog veel saucissen kan maken en Chantal van haar nieuwe vrijheid kan genieten. Bel naar 09/ 366 46 50, mail naar kantoor@wouterdecanck.be of contacteer Wouter via de website
(Hof van Beroep Gent 29/06/2017 (11e Kamer), T.Fam 2018/2, 55-62.)

Terug naar school ! … maar wie betaalt de schoolkosten?

Nadine, een gescheiden moeder, heeft er een mooie zomervakantie opzitten. Ze is samen met haar drie kinderen, Jef (6), Marie (12) en Tessa (18) op reis geweest naar Spanje. De kinderen zijn ook op reis geweest met hun vader, Dirk, die de kinderen tijdens het schooljaar ieder alternerend weekend bij zich heeft. De kinderen kijken er zo langzamerhand naar uit hun vrienden en vriendinnen terug te zien op de eerste schooldag. Zij denken daarbij aan de vers gekafte boeken, de leuke schooltrips ,en Tessa zelfs aan het eerste jaar op kot. Nadine is iets minder enthousiast; zij maakt zich vooral zorgen over de rekeningen die ze vanaf 1 september mag verwachten.

Toen Nadine en Dirk gescheiden zijn, heeft de rechter in een vonnis vastgesteld dat Dirk een alimentatie aan Nadine moet betalen voor de gewone kosten van de kinderen. De rechter heeft ook beslist dat Dirk daarnaast 3/4e van de buitengewone kosten die Nadine maakt voor de kinderen aan haar moet terugbetalen. Het begin van het schooljaar brengt steeds wat spanning tussen Nadine en Dirk,  want welke schoolkosten zijn nu eigenlijk gewone kosten, en welke schoolkosten zijn nu buitengewone kosten ?

Wanneer Nadine twijfelt over een bepaalde kost, leest zij best het vonnis. In vele gevallen heeft de rechter immers de buitengewone kosten opgelijst in het vonnis. In evenveel gevallen heeft de rechter dat echter niet gedaan. In dat geval kan Nadine- indicatief-  terugvallen op de rechtspraak van het Hof van Beroep te Gent, dat een vaste en hanteerbare lijst heeft opgemaakt van welke schoolkosten, en naschoolse kosten en medische kosten nu precies als buitengewone kosten kunnen worden beschouwd.

Nadine zal zien dat voor de twee jongste kinderen de verplichte schoolkledij en abonnementen van openbaar vervoer in ieder geval tot de buitengewone kosten behoort. Voor Marie, die vanaf nu naar het middelbaar gaat, en Tessa, die naar de hogeschool gaat, komen daar ook nog eens de inschrijvingsgeld en de studieboeken en het vereiste studiemateriaal bij, alsook alle uitgaven voor  schoolreizen of uitwisselings- en Erasmusprogramma’s. De kosten voor de huur en voorzieningen van het studentenkot van Tessa mag Nadine beschouwen als buitengewone kosten maar Nadine zal wel vooraf overleggen met Dirk over het kot en de kosten die daaraan verbonden zijn. Ook de aankoop van de laptop en printer die voor de studie van Marie noodzakelijk zijn behoren tot de buitengewone kosten, voor zover Nadine daarover vooraf overlegd heeft met Dirk. Hetzelfde geldt voor eventuele kosten van bijlessen.

Van andere steeds terugkerende schoolkosten, zoals het middageten, de kosten van zwemlessen, gsm- of internetkosten, weet Nadine nu dat ze tot de gewone kosten behoren. De bijdrage van Dirk in deze kosten is inbegrepen in de alimentatie die Dirk maandelijks aan Nadine betaalt voor de kinderen.

Belangrijk voor Nadine is dat zij steeds de rekeningen van alle buitengewone kosten goed bijhoudt, en dat ze Dirk maandelijks een overzicht kan bezorgen van de buitengewone kosten die ze heeft betaald, met een kopie van de rekeningen daarbij. Dirk ziet er steeds op toe dat eventuele schoolpremies, studietoelagen of studiebeurzen afgetrokken worden van deze buitengewone kosten.

Vermijd hierover onnodige spanningen en overleg met je ex- partner over de kosten of kies voor bemiddeling zodat jezelf kan bepalen wie welke kosten betaalt.

Onderhoudsgeld aanpassen wegens corona?

Je hebt een overeenkomst waarin staat hoeveel onderhoudsgeld (alimentatie) voor de kinderen er maandelijks moet worden betaald. Maar wat gebeurt daarmee in deze coronatijden, als je werk en dus je inkomen wegvalt? En welke rol kan bemiddeling daarin spelen? We bekijken het verhaal van Jan en Mia. 


Het koppel sloot in 2018 een bemiddelingsakkoord over de kosten van de kinderen. Jan betaalt een maandelijkse onderhoudsbijdrage en komt ook voor de helft tussen in de buitengewone kosten van de kinderen.

Hij heeft een goed draaiende zaak in de culturele sector, maar door de corona-uitbraak viel alles stil en ziet ook de toekomst er niet goed uit. Jan ziet dat zijn inkomsten opdrogen, maar Mia blijft wel de kinderalimentatie vragen en wil niet van vermindering weten.

Is corona overmacht?

De vraag is nu: kan Jan de betalingen stopzetten vanwege ‘overmacht’ door corona? Overmacht betekent dat er iets gebeurt buiten Jan zijn wil om, waar hij niets kan aan doen en waardoor hij niet kan betalen.

Dus ja, corona is overmacht, maar daarom bevrijdt het Jan nog niet automatisch van zijn betaalverplichting.

Trekt Jan hiermee naar de rechtbank, dan zal er worden gekeken naar zijn financiële mogelijkheden. Pas als hij echt op droog zaad zit, komt de betaling te vervallen.

In de overeenkomst tussen Jan en Mia staat vermoedelijk dat kinderalimentatie kan wijzigen als ‘nieuwe omstandigheden’, ‘buiten de wil om’ optreden. Het is aan de rechter om te bepalen of overmacht door corona hieronder valt. Bovendien zal de rechter een wijziging pas toestaan als die in het voordeel is van de kinderen.

Jan begeeft zich dan ook op glad ijs. Hij zal hoogstens gedaan krijgen dat hij de kinderalimentatie tijdelijk niet moet betalen of gedeeltelijk moet betalen. Hij zal ook later de achterstal moeten betalen.

Wat kan bemiddeling doen?

In een goede overeenkomst staat een bemiddelingsclausule. Het is dus mogelijk voor Jan en Mia om samen met een familiaal bemiddelaar de gewijzigde situatie te bespreken en te kijken wat de weerslag is op hun eigen situatie. Ook hier zal de bemiddelaar de kinderen centraal stellen. Wanneer Jan en Mia  luisteren naar elkaar, kan er begrip ontstaan voor de beide situaties en komen zij bijna zeker tot een vergelijk.

Wouter De Canck – bemiddelaar